Project Steengoed

Het project Steengoed startte in 2008 en loopt nog steeds. Het is een keramiekproject dat zich in thematiek ontwikkelt, maar in stijl één geheel vormt. Een uitdijende verzameling kleifiguren, gekneed uit een midlife-crises, familieperikelen en de liefde. Deels gevormd door personages uit Noorse sagen, het Gilgamesh epos, de Odyssee, Don Quichot en Pinokkio, want deze verhalen vormen een belangrijke inspiratiebron voor mij. Net als de vroege Middeleeuwse en volkse beeldcultuur dat is voor mijn vormentaal.

De hysterische idylle en andere liefdesbootjes

Zo noem ik de huidige fase van mijn steengoedproject. De basis van mijn beelden in deze fase is het schip. In Engelse keramiek gebruikt men de term ‘the vessel’ in de betekenis van container, iets met een open bovenkant, een vaas, een bak. Maar ‘the vessel’ is ook een schip. Mijn scheepjes in versteende vorm dienen als metafoor. Het bootje als nest waar ik uitkom.

Allereerst drong het bootje ‘De hysterische idylle’ zich op. Een bootje waarin de familiepatronen zijn uitgesleten. Een scheepje dat zich hysterisch vastklampt aan de idylle, maar gaandeweg schaduwkanten leert kennen. Een scheepje dat bij voorbaat op de klippen is gelopen van het menselijke tekort.

Deze serie gaat over de levensreis. Leven en dood. En hoe boeiend het leven wordt als de idyllische voorstelling van zaken over boord is geslagen. Hoe mooi het leven is dat ons op alle mogelijke wijzen in de boot neemt. En doet verlangen naar meer, steeds meer en steeds andere liefdesbootjes. De ene schipbreuk na de andere. Want in dit project worden de beelden aan elkaar gekoppeld. Alsof er vloot uitvaart.

De hysterische idylle en andere liefdesbootjes
Links en rechts: Broederstrijd

Boef en Engel

Boef en Engel gaat over het kleine goed en kwaad, en dat in dit kleine goed en kwaad altijd het grote goed en kwaad aanwezig is. Onder de oppervlakte van beschaving kookt een zeer aardse kern van gewelddadige fantasieën, angsten en verlangens. En natuurlijk de vreugde. De vreugde heeft een speciaal plekje in het hart van Boef en Engel. Maar ook de vreugde heeft lange tenen waar op getrapt kan worden. Ook vreugde heeft een lont die door alle beschaving heen prikt.

In de serie Boef en Engel ben ook ik een beschaafde, volwassen kleine Boef en Engel tegelijk. En laat deze twee polen met elkaar spelen, goede en slechte lesjes leren. Ze doen aan rollenspel. Want de vreugde en kokende zeer aardse kern willen ook leven. En exploderen. Ik heb bij Boef natuurlijk aan rapper Boef gedacht. Rapper Boef is de snellere Boef. Reed 300, in Nederland. Dat is mijn held. Maar ik had een fantasme. Over wat hij over mijn dochter Charlotte rapte, you bitch enzo, en hoe hij haar liet vallen. En wat dit met mij deed. Hoewel ik helemaal geen dochter Charlotte heb. (Het was wel de naam van mijn kind die op mijn lippen lag bij de geboorte van mijn zoon...)

Boef's rol wordt meestal gespeeld door mijn stand-in Pinokkio. Engel was Blauwe fee. Werd Rode fee. Gele fee. Wraakengel. Muze.

Idee, schets en uitwerking
Links: Boef en Engel, Rechts: schetsontwerp

De Bevallingen van P.

Deze fase gaat over naïviteit. Over de bijbehorende manipulatie. En over exploitatie. P. staat voor een van mijn stand-ins: Pinokkio. Die mislukte marionet was nooit mijn jeugdheld geweest, maar als volwassene herkende ik me in de overenthousiaste fantast die geboren werd uit een stuk brandhout. Ik herkende ook zijn gil van angst toen meester Gheppetto het mes in hem zette. 'Hé , wat doe je nou!' riep het schepsel van de Florentijnse schrijver Collodi. 'Help!' zou ik gillen, als in de Schreeuw van Munch.

Allereerst viel ik op Pinokkio's fantasierijke kinderlijke neus. Die paste ook twee andere stand-ins van mijn avonturen: Don Quichot, de waanzinnige fantast die zich lang na de Middeleeuwen nog ridder waande, en de viriele Middeleeuwse held Lancelot, met wie ik me in mijn midlife identificeerde. 'Ik ben Lancelot. Mijn lans is mijn lot, mijn veelheid mijn alles', was zijn belangrijkste tekst.

Pinokkio's neus van Peter, als lustprincipe van mijn steengoed-verbeelding. In De Bevallingen van P. breng ik de held terug tot een stenen bolletje. Met stompjes, nauwelijks beentjes. Ik laat de schepping welbewust opnieuw beginnen. Laat een fantasie bevallen van zijn doodstille steengoedfantasie.

Collage van schetsen, tekst, en beeld Wedergeboorte van Blauwe Fee
‘A star is born!’, juicht de kleine meid op leeftijd. ‘Ja!’, zegt Pinokkio de jonge. ‘Ja! Ja! Ja! Jaaa!’

Helden

Zijn dit de helden van de avontuurlijke geest met een tragisch randje die me voor ogen staat? Er zijn veel helden en heldinnen in mijn werk. Allemaal karikaturen van menselijkheid. Te grote handen, klein hoofd, of andersom. Zeer korte pootjes, vaak maar drie of vier tenen aan die aandoenlijke naakte tenen. Armzalig bewapend en gepantserd. Stuk voor stuk van hun voetstuk gevallen versteende geesten.

Op mijn ijskast heb ik een tegeltjestekst geplakt: Wie nooit bang is kan ook niet dapper zijn. In mijn kast hangt een dikke trui die ik mijn viertjes-trui noem. Wanneer ik me op een schaal van 1 tot 10 een viertje, of minder, voel, trek ik hem aan. Hij is aardslelijk, maar warm.

Voor mij is iedere dag opstaan, wat ik en veel andere mensen doen, al een daad van heldhaftigheid. Ik begrijp ons leger antihelden wel. Maak beelden van steen, en noem dit de weg van mijn spirit

Er komen veel drakenbestrijders voor in mijn werk. Helden die het draakje betoveren door het over zijn bange hoofdje te aaien. Misschien is ieder beeldje wel een dappere draak.

Helden
Links: Het houvast van een geschenk, Midden: O hero O hero, Rechts: Meisje Europa en het kalashnikov-mannetje

Herculisch

In een geleende auto met dolgedraaide navigatie. Naast me mijn gillende kritische maagd, achterin mijn schoonmoeder als rij-instructeur zonder zelfstandige chauffeurservaring. Een week naar Italië was voor mij een herculische onderneming. Ik wist dat dit mijn krachten ver te boven zou gaan, want ik rijd praktisch nooit. Toch moest dit gebeuren om te bewijzen dat dit natuurlijk wel kon. En heel mooi was.

Herculisch gaat over zelfoverwinning en zelfoverschatting. Over helden die met hun schaduw worstelen, soms overwinnen, maar nooit de baas blijven. Ik ben zo'n antiheld met heldhaftige opvliegingen. Wie niet?

12 onmogelijke opdrachten kreeg Hercules. Reden hiervoor was dat hij zijn drie zonen had vermoord. Gewurgd. Mij interesseert de schaduw van Hercules. Een erfzonde verhaal. Dat ik, en andere mensen zo'n schaduw erven, en doorgeven. Dat we onmogelijke opdrachten realiseren. Maar de volgende dag vrolijk opnieuw kunnen beginnen. Het is nooit af. Wij zijn nooit af.

Herculisch
Links: Hercules met zonen, Rechts: De ontketening van Prometheus door Blije Trol

Wachters

De wachters zijn halfnaakte solisten. Hun naaktheid is hun kracht. Hun wapens, het mes en de schede zijn erotische talenten. Hun pantser een helmpje, of iets dat er op lijkt. Hun schild is hartvormig, maar vaak is het een verwrongen hart. Er zijn wachters met veel wild haar. Sommige wachters hebben een liefdestasje bij zich. Hun geheim. De hand rust er op, alsof het de doos van Pandora is. Wat de wachtertjes bewaken is beslist het domein van de liefde: fantasieën die een spel met mij spelen.

Met deze karikaturale figuren begon mijn steengoedproject. Toen ik met de pieken en dalen van mijn midlife worstelde was het alsof ik in de duistere Middeleeuwen en mythologische werelden verdwaalde. Als stand-ins voor mijn emoties staan deze wachters met hun rug naar de muur, op rotsvormige sokkels alsof ze op klippen voor een afgrond staan. Ze maken, ongeduldig of angstig, een pas op de plaats. Zou dat ook voor mij gelden? Ben ik wel goed bezig? Ben ik nog trouw aan mezelf? Waar gaat dit heen? Hoe ga ik mijn eigenheid bewaken?

Sommige wachters hebben een liefdestasje bij zich. Hun geheim. De hand rust er op, alsof het de doos van Pandora is...
Steengoedbeelden ‘Wachters’

Amour Fou

De amour fou is de dwaze, alles vernietigende, onmogelijke liefde. Mijn amour fou leidde tot een serie fabelachtige fantasieën waarin ik me in de middeleeuwen waande. Wat goed paste bij de schuld, schaamte, en vreugde van mijn midlife.

Na deze periode was het niet afgelopen met mijn amour fou. De amour fou is werkzaam in al mijn beelden, ze vormen er de zin van. Nooit wil ik zonder. Hierom geef ik al mijn beelden een liefdesleven. Iedere handgemaakte steen gaat over relaties, romances, idylles, samen in een bootje zitten, in de boot nemen en genomen worden. Liefde tot in de dood. En bij voorbaat op de klippen lopen. De klippen van het steengoed. Ik zie mijn kunst als een vorm van amour fou.

Amour Fou
Beeld: O mijn Dolcinea

Eerdere projecten

Na jarenlang geschilderd te hebben was de kwast ‘opgedroogd’. Ik vond nieuwe inspiratie door te werken met ander materiaal. Eerst was daar Pygmalions Kroondomein, een ruimtelijk project met beelden van papier-maché. Daaruit volgde een tweede project, Pygmodys. De thematiek van Pygmodys leeft voort in het huidige project Steengoed.